Dominique
Verbelen woont in Munte, aan de rand van de Makegemse
Bossen. Hij is 39, werkt voor Natuurpunt en is vooral
geïnteresseerd in vogels, amfibieën, zeezoogdieren
en slaapmuizen. Dominique is voorzitter van Natuurpunt
Boven-Schelde, zetelt voor de afdeling in de MINA-raad
van Merelbeke, de wildbeheerseenheid Land van Rhode en
de raad van bestuur van het Regionaal Landschap
Vlaamse Ardennen. Nu en dan wordt er wat gereisd met
een absolute voorkeur voor Azië.
Een concert van Dead
Can Dance, Tori Amos, Placebo, Madonna, Rammstein of
Coldplay kan er altijd wel in. Dominique is zeer
sportief : hij neemt vanuit zijn zetel deel aan bijna
elke cyclo-cross. Op 30 mei loopt hij voor een
weddenschap de 20 km van Brussel. Doel : eindigen voor
een vrouwelijke collega van Natuurpunt.
Ultieme droom
:
Spitsbergen of Antarctica. Nachtmerrie : rokers, dead
metal, -dt fouten...
Hoe
wordt iemand professioneel vogelaar ? Was je als kind
ook al bezig met 'de natuur' ?
Interesse
voor natuur heeft er altijd al een beetje in gezeten.
In de lagere school keken we vanuit de klas van
juffrouw Mieke uit over de kouters van Munte.
Opschroevende Buizerds vond ik veel interessanter dan
‘Jan-pet-pop-vis-de-is-van-An-en-jas’-reeksen van
buiten leren. We kregen van de juf allemaal een klein
notaboekje waarin we mochten noteren wat ons boeide.
Ik heb nog steeds één van die boekjes. Best leuk om
er nu nog eens door te bladeren en te lezen hoe
talrijk Veldleeuwerik op de Asselkouter in 1978 nog
was (nu is de soort er als broedvogel al een hele poos
verdwenen). Na school ging het vaak richting
Speldakkerbeek om Driedoornige en Tiendoornige
Stekelbaars te bestuderen, scheppen in de beek op zoek
naar Geelgerande Watertor. Best spannend, allemaal.
En
beetje bij beetje werd het werkterrein ruimer. De
Makegemse Bossen (waar toen nog Fluiters broedden), de
Scheldevallei (met de eerste broedgevallen van
Kramsvogel en Kuifeend in de regio), de opgespoten
terreinen van Oudenaarde (met Poelruiter en Gestreepte
Strandloper als m’n eerste goeie vondsten). Mijn
eerste ‘groene’ job was bij vzw Durme, waar ik een
jaar of vier verantwoordelijk was voor de opmaak van
erkenningsdossiers en monitoringrapporten van 12
reservaten. Na een aantal korte contracten bij enkele
studiebureaus en het INBO, ben ik bij Natuurpunt
aanbeland.
Met
wat hou jij je zoal actief bij Natuurpunt ?
Bij
Natuurpunt ben ik vooral bezig met
monitoringprojecten. Het grootste project loopt in het
poldercomplex aan de Oost- en Middenkust. De haven van
Zeebrugge wil uitbreiden. En uitbreiden doe je als
haven niet 20 km landinwaarts maar op terreinen in de
buurt die nog ‘vrij’ zijn, ‘bebouwbaar’ zijn.
De keuze voor topgebieden als de Hoge Noen, Rietveld
De Pelikaan of de Dudzeelse Polder ligt dan - vanuit
een praktisch en economisch standpunt - voor de hand.
Probleem : een aantal van deze gebieden werden door
Europa eerder al afgebakend als speciale
beschermingszones in het kader van de Vogel- en
Habitatrichtlijn. Wanneer zo’n gebieden op de schop
gaan, wordt vanuit die richtlijnen een volwaardige
compensatie geëist. Wat verdwijnt, moet dus elders
opnieuw worden gecreëerd, uit het niets. En net dat
moet eerst in kaart worden gebracht : welke ecotopen
verdwijnen er, welke soorten broedden er en hoeveel
paar van elke soort ? Die kennis is nodig om er zeker
van te zijn dat de compensatiegebieden zo worden
ingericht dat ze net zo goed zullen zijn als de
gebieden die plaats moesten maken voor kaaimuren,
dokken of parkings. Gelukkig kunnen we voor de
inventarisatie van deze gebieden rekenen op de inzet
van een gedreven groep vogelaars van Mergus en VWG
Middenkust. Het klinkt misschien wat stofferig maar
het is bijzonder aangenaam om een project met zo’n
medewerkers te mogen coördineren.
Er loopt ook een
soortgelijk project op Antwerpen Rechteroever en ook
daar staat een krachtige ploeg lokale vrijwilligers in
voor de inventarisatie en blijft mijn taak
‘beperkt’ tot de coördinatie en de
kwaliteitsbewaking van de gegevens terwijl de
projectmedewerker op het INBO instaat voor de
wetenschappelijke verwerking.
Dit
jaar belooft druk te worden met de monitoring van de
avifauna in de ruilverkaveling van Elingen, Reninge en
Fortem, een evaluatie van het poelenplan in Merelbeke,
de coördinatie van een stuk of 150
paddenoverzetacties en een gans rits dingen die er
dagelijks doorheen komen fietsen.

gidsen
voor Hyla (foto: Christiaan De Schuijmer)
Als
natuurbeschermer is het ongetwijfeld heel dikwijls
vechten tegen de bierkaai... Toch staat Natuurpunt
niet altijd lijnrecht tegenover de andere partij, maar
probeert daarentegen door middel van dialoog en de
gulden middenweg tot enig resultaat te komen. Een
taktiek die denk ik al meermaals zijn vruchten heeft
afgeworpen, niet ?
Vooruitgang
boek je door dialoog, door te luisteren naar elkaar,
door te proberen begrip te hebben voor elkaars
standpunten, zonder je eigen principes te
verloochenen.
Vorig jaar hebben we bv. ‘Zwaluwen in
nesten’ gelanceerd, een citizen science-project van
Natuurpunt waarbij we wilden in kaart brengen hoe het
gaat met de Boeren- en Huiszwaluw. Dit project leverde
heel wat gegevens op maar wat misschien nog
belangrijker is, is dat naar aanleiding van dit
project Natuurpunters voor het eerst bij een boer in
hun streek over de vloer kwamen. Ik heb zelf een boer
of 30 bezocht en ben overal heel goed ontvangen. De
fierheid waarmee boeren me doorheen hun stallen
gidsten van het ene zwaluwnest naar het andere was
super. En ja, tussendoor werd er wel eens wat
gekafferd op ‘de groenen’, maar de ontmoeting
tussen boer en Natuurpunter over een onderwerp dat
beiden boeit, heeft op een aantal plaatsen deuren
geopend. In eigen regio zijn uit die zwaluwcontacten
bv. beheerovereenkomsten ontstaan met boeren die nu
hooilanden van Natuurpunt komen maaien, en dat is
mooi, vind ik. Wat we samen doen, doen we (vaak)
beter.
Natuurpunt
werd onlangs mede-eigenaar van het meer van
Belval in de Franse Argonne. Hiervoor moet er wel 280.000€
worden opgehoest... Nu hebben jullie wel veel
donateurs (waaronder ikzelf, doch dit volledig
terzijde) en subsidies, maar dat blijft toch een
aanzienlijk bedrag, niet ? Geld dat misschien,
zoals hier en daar al werd geopperd, gebruikt zou
kunnen worden om natuurgebieden in Vlaanderen
veilig te stellen ?
Natuurpunt
heeft een aantal taken. Eén van de kerntaken is om
natuur in Vlaanderen maximaal te beschermen door
aankoop en beheer. Dankzij de steun van 85.000 leden,
donateurs, gemeenten, provincies, het Vlaamse Gewest
en Europa konden op die manier heel wat topgebieden
worden aangekocht en ingericht.
Maar Natuurpunt wil
ook haar verantwoordelijkheid buiten Vlaanderen
opnemen. Het project rond het Harapan-regenwoud in
Sumatra is daar een mooi voorbeeld van. Belval is dat
ook. Heel wat Natuurpunters hebben een bijzondere band
met Belval en de Argonne. En net die mensen vonden het
niet kunnen dat zo’n schitterend gebied met Wouwaap,
Roerdomp, Snor, Grote Karekiet en ander fraais in een
handomdraai werd omgevormd tot … een maïsakker.
Toen het gebied te koop kwam, trokken enkele
Argonauten naar Natuurpunt met de vraag of dit niet
iets voor ons was. Maar, zoals je zelf terecht stelt :
alle subsidies die Natuurpunt krijgt voor de aankoop
en het beheer van reservaten, moeten ten goede komen
van Vlaamse natuur, dus uit die subsidiepot kon niet
worden geput om een gebied buiten Vlaanderen aan te
kopen. Net daarom werd een donateursactie op het
getouw gezet waarbij werd gepoogd om de vereiste
middelen samen te krijgen door bijkomende giften. Laat
het dus duidelijk zijn: door de aankoop van Belval zal
geen vierkante meter minder natuur worden aangekocht
in Vlaanderen. We hadden daarvoor andere, nieuwe
fondsen nodig, hebben die gezocht en hebben die
gevonden, dankzij duizenden grote en kleine donateurs.
In
het voorjaar van 2008 startte Natuurpunt met
waarnemingen.be, waarbij iedereen online zijn eigen
natuurwaarnemingen kan invoeren. Dat project kent een
gigantisch succes...
Het
project loopt vlot, dat kan je wel zeggen. Er was al
een soortgelijke kaskraker met www.trektellen.nl, dus we hadden wel het gevoel dat een
gebruiksvriendelijke online invoermodule voor alle
taxonomische groepen goed zou kunnen scoren, maar dat
het zo’n vaart zou lopen, hadden we niet durven
dromen. De site is nog geen twee jaar in de lucht en
telt al meer dan 5.000 gebruikers die samen bijna
2.000.000 waarnemingen invoerden. Behoorlijk stevig.
Is dit dan de perfectie zelve ? Toch niet, en dat heeft
niemand ook beweerd. Bijna dagelijks komen er op
Natuurpunt suggesties binnen van gebruikers die graag
nieuwe zoekfuncties geprogrammeerd zouden willen zien,
die daglijsten of gebiedslijsten zouden willen kunnen
invoeren, die zelf gebieden zouden willen kunnen
afbakenen. Elk van die vragen wordt bekeken en aan het
gros van die verzuchtingen werd intussen al tegemoet
gekomen, al weten we heel goed dat er nog veel vragen
zijn die nog niet werden aangepakt. Wie de
invoermodule echter heeft gebruikt van bij de start,
weet dat er sindsdien al heel wat gewijzigd is. Maar
wat je ook doet, het zal nooit voor iedereen o.k.
zijn.
Voor mijn eigen regio is de komst van
waarnemingen.be in elk geval een zegen. Vroeger werden
losse waarnemingen nauwelijks bijgehouden en kenden we
lang niet alle mensen die rond natuurstudie in het
gebied actief waren. Nu zie je bijna in real time wie
wat waar wanneer zag. En het leuke is dat je heel wat
mensen leert kennen waarvan je vroeger niet eens het
bestaan af wist, ook al wonen ze vlakbij.
Waarnemingen.be
wordt gretig gebruikt, maar de keerzijde van de
medaille is dat de lokale websites en bijhorende fora
er nog nauwelijks aan te pas komen...
Voor
werkgroepen die voor de komst van waarnemingen.be al
hadden geïnvesteerd in een eigen online systeem van
waarnemingen doorgeven, is het inderdaad niet even
gemakkelijk. Wat moeten ze doen : doorgaan met het
eigen systeem of in een nieuw systeem stappen ? Sommige
van die werkgroepen hebben eerst wat de kat uit de
boom gekeken maar maakten later toch de overstap omdat
waarnemingen.be meer mogelijkheden bood dan hun eigen
invoermodule. Anderen waren behoorlijk kritisch omdat
waarnemingen.be niet (volledig) beantwoordde aan hun
verwachtingen of vereisten. Vaak was dit voor
Natuurpunt een motivatie om die knelpunten weg te
werken om zo die werkgroepen alsnog aan boord te
krijgen en, om eerlijk te zijn : meestal is dat ook
gelukt.
Vooral werkgroepen met een heel lange traditie
houden vast aan hun eigen systeem en dat is uiteraard
hun goed recht. Waarnemingen.be is een aanbod van
Natuurpunt op vraag van de achterban. Iedereen die
wil, kan van dit aanbod gebruik maken.
Bij
de start van waarnemingen.be was er sprake van een
storm in een glas water, toen het nietige
overmeersevogels.be als het ware het gras voor de
voeten van Natuurpunt had weggemaaid door als eerste
in Vlaanderen, doch volledig ter goeder trouw en na
akkoord van de Nederlandse makers van het programma, uit
te pakken met dit nieuwe invoersysteem. En die van NP
konden daar niet mee lachen...
Ik
meen me daar vaag iets van te herinneren, ja, maar
aangezien ik niet echt bij die discussie betrokken
was, kan ik daar eigenlijk niet echt veel zinnigs over
zeggen. Het belangrijkste is dat de invoermodule werd
gelanceerd, dat er bijna dagelijks aanpassingen worden
doorgevoerd, dat het systeem van administrators zeer
goed werkt, dat het aantal gebruikers elke dag stijgt
en dat er voor het eerst ooit één centraal punt is
waar losse waarnemingen uit heel België van alle
taxonomische groepen worden verzameld. Zonder al te
grote woorden te gebruiken denk ik dat we gerust mogen
zeggen dat dit historisch is !
De
relatie met die andere gekende natuurvereniging,
Vogelbescherming Vlaanderen, loopt niet altijd van een
leien dakje, getuige oa. het Vale Gieren-verhaal ...
Het is ook een publiek geheim dat de grote bonzen
van beide verenigingen, zijnde Walter Roggeman
(NP) en Jan Rodts (Vogelbescherming) geen al te beste
maatjes zijn. Een fusie tussen beide partijen lijkt
niet aan de orde ?
Dat
publiek geheim ken ik alvast niet, dus zo publiek zal
het wel niet zijn of beter : misschien is daar zelfs
niets van aan. Net zoals biodiversiteit, is ook
diversiteit in het verenigingsleven belangrijk.
Er
zijn heel wat spelers in het ‘groene’
verenigingsnetwerk : Natuurpunt, Stichting Limburgs
Landschap, vzw Durme, Vogelbescherming Vlaanderen, …
Elke vereniging heeft zijn eigen doelstellingen, eigen
kerntaken, een eigen werkingsgebied. Op een aantal
punten overlappen die soms, maar zelden of nooit zijn
die tegengesteld aan elkaar.
Natuurpunt
startte eind 2009 met ‘Dieren onder de wielen’,
een project dat de impact van het verkeer op fauna wil
in kaart brengen. Dit project wordt getrokken door
Vogelbescherming Vlaanderen en Natuurpunt, samen met
het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie. Net
ging er een gezamenlijk persbericht van beide
verenigingen de deur uit over de jacht op Malta.
Eerder luidden beide verenigingen ook al de alarmbel
rond het ‘houtduivenafknalweekend’. Het kan aan
mij liggen maar ik zie vooral overleg en samenwerking
tussen beide verenigingen en zo hoort het ook. Wat we
samen doen, doen we beter, remember ?
En
ja : soms lopen
de meningen uiteen, maar dat hoeft niet per definitie
negatief te zijn. Persoonlijk zou ik het betreuren
mocht het ooit tot een fusie komen tussen Natuurpunt
en Vogelbescherming Vlaanderen omdat dat volgens mij
een verarming zou zijn voor een strijdbare, groene
beweging. Nu staan er vaak twee partijen aan de deur
van een kabinet te kloppen, elk vanuit hun eigen visie
met eigen standpunten (die doorgaans wel gelijklopend
zijn). Bij een fusie valt er voor een minister nog
maar één kat te geselen.
Hebben
beide verenigingen dan nooit eens het gras van voor
elkaars voeten weggemaaid ? Zijn er dan nooit eens
zwart-wit-tegenstellingen geweest ? Misschien wel,
alleen heeft het geen zin om daarop te focussen. Met
stemmingmakerij gaan we er niet komen. Het nummer van
Jan Rodts zit in mijn GSM en telkens ik een vraag heb
rond bv. vogelvangst, krijgt Jan een belletje, en
steeds volgt dan heel snel een duidelijk antwoord. Ook
Jan weet Natuurpunt goed te vinden. Onlangs belde een
journalist nog naar Vogelbescherming Vlaanderen met
een vraag rond winterslaap bij dieren. Omdat dit
fenomeen zich vooral bij zoogdieren en amfibieën (en
niet bij vogels) voordoet, stuurde Jan die journalist
vlot door naar Natuurpunt. Dus misschien werken beide
verenigingen toch betere samen dan je dacht, hé ?
Met
laagdrempelige projecten scoort NP tegenwoordig bij
het grote publiek, waarbij gebruik wordt gemaakt van
aaibare soorten als zwaluwen, vlinders en populaire
acties zoals "voeren en beloeren".
Natuurpunt kent de jongste jaren een gestage groei qua
leden, mede door Dominique Verbelen die steevast
op radio en televisie wordt opgevoerd... Wat ik bedoel
: 'natuur' moet ook een beetje verkocht worden ?
Die
laagdrempelige publieksacties zijn erg belangrijk.
Misschien bestond vroeger (in de tijd van de
Wielewaal) iets te veel de idee dat natuurstudie iets
was voor geitenwollen sokken, geleerde professoren of
verwaaide biologen. Te moeilijk voor mijn nonkel of uw
zus. Door acties als ‘Voeren en Beloeren’,
‘Vlinder mee’, ‘Kijk, een kikker !’,
‘Zwaluwen in nesten’ en ‘Zie zo zoogdier’,
lukken we er in om natuur dichter bij de mensen te
brengen.
Ook in je eigen tuin of zelfs op een balkon
op vier hoog midden in een grootstad valt er iets te
beleven. Alleen moet je mensen op pad helpen, de ogen
openen, hen verwonderen over hun eigen
huis-tuin-en-keuken-natuur. Voor heel wat (vaak
gespecialiseerde) soorten zullen natuurreservaten de
enige gebieden zijn waar je die kan aantreffen maar
tussen die reservaten moeten we streven naar een goeie
ecologische infrastructuur, naar stapstenen, corridors
waarlangs organismen zich van het ene gebied naar het
andere kunnen verplaatsen. Als we de oppervlakte van
alle tuinen in Vlaanderen optellen, dan komen we vast
aan een getal dat een veelvoud is van de oppervlakte
aan erkende reservaten. Dus als we elke tuin vlinder-,
zoogdier-, vogel- of amfibievriendelijk zouden kunnen
maken, dan zou dat een enorm ecologische winst
opleveren.
We zijn ervan overtuigd dat die
publiekscampagnes dit mee in de hand kunnen werken. En
om zoveel mogelijk mensen te bereiken, zijn radio, tv
en kranten een dankbaar medium, dus als je op die
manier je boodschap ‘verkocht’ krijgt : why not ?
De leden van Natuurpunt bereiken we via onze eigen
kanalen : Natuur.blad, de website, de digitale
flitsen. Maar die mensen zijn vaak al heel goed bezig.
De grootste winst kunnen we dus boeken bij mensen die
nog geen lid zijn en daarvoor is bv. een item in het
journaal - waarmee je in één klap meteen bijna een
miljoen mensen bereikt - echt wel belangrijk.

passie
voor Hazelmuizen (foto: Griet Nijs)
De
nieuwe Vlaamse minister voor Natuur en Leefmilieu, Joke
Schauvliege, is lid van Natuurpunt. Maar naar het
schijnt afkomstig uit het landbouwersmilieu en
bovendien heeft zij ook wel wat van doen met het
instand houden van één van die oeroude tradities in
Vlaanderen, met name de vinkenvangst. Valt dat met
mekaar te rijmen ?
Hiervoor
zou je best een aankloppen bij mijn collega’s van
beleid, hoor.
Maar een minister voor natuur en
leefmilieu die roots heeft in een landbouwersmilieu,
hoeft niet per definitie negatief te zijn. Soms kan
dat zelfs een plus zijn. Doordat de minister bij
aanvang al goed vertrouwd is met die materie, geeft ze
extra tijd om zich in te werken in andere dossiers die
meer aan natuur en milieu zijn gerelateerd. Elke
minister zal eigen accenten leggen. De ene keer zijn
die in je voordeel, de andere keer iets minder.
Sowieso zit Vlaanderen nu met een probleem voor het
opstellen van een begroting in evenwicht : alle
departementen moeten de broeksriem aanhalen, ook
cultuur, ook natuur. Of er iemand van Groen!,
CD&V, open VLD of eender welke partij minister
voor natuur en milieu zou zijn, er zou in deze
legislatuur steeds gesnoeid moeten worden. Natuurpunt
begrijpt dit, maar zal er wel op toezien dat die
saneringen evenwichtig gebeuren en dat natuur in
Vlaanderen niet het kind van deze crisisrekenig zal
worden.
'Twitching
is not a crime' hoor je wel eens, en vroeger reed ik naar
de Bastaardarend van Kontich, de Grijze Strandloper
van Zonnemaire, de Grote Geelpootruiter van de
Braakman die ik op een haar na miste wegens defecte
remmen... Maar wat te denken van die Kleinst
Waterhoenen in Holland, bijna een 'Big
Brother'-verhaal in het kwadraat ?!? Kan jij na een
Dikbekfuut of een Bruine Lijster nog genieten van een
nest Huiszwaluwen of een jonge Grote Bonte Specht die
onverwachts op de voederplank verschijnt ?
Twitchen
is goed voor minder dan 1% van de tijd dat ik buiten
loop. Ik blijf het leuk vinden, zondermeer, en elke
keer als er een ‘nieuwe Belg’ wordt gebeept,
probeer ik zo snel mogelijk ter plaatse te zijn. Maar
eigenlijk is dat maar een paar keer per jaar (in 2009
zag ik van ‘goodies’ alleen Bruine Lijster,
Dikbekfuut, Amerikaanse Goudplevier en
Steppenvorkstaartplevier). Voor de rest is het padden
overzetten, poelen inventariseren, nesten van
Hazelmuis zoeken, nachtvlinders vangen,
bezwaarschriften schrijven, procedures bij de Raad van
State opvolgen, milieuraad, wildbeheerseenheid, raad
van bestuur van het regionaal landschap,
bestuursvergadering van Natuurpunt Boven-Schelde,
voordrachten geven, watervogels tellen, trektellen op
Baaigemkouter, … allemaal veel leuker en zinvoller
dan twitchen...
Op
Belgian Birds, waar ook jij zeer vaak je zegje
doet, zit zowat het kruim van de ornithologen in België,
maar ik kan me soms niet van de indruk ontdoen dat we
hier met een select clubje te maken hebben.
Natuur.forum is ongetwijfeld meer toegankelijk ?
Belgian
Birds vind ik zelf een handig iets. Je kan er zowat
alles vragen en doorgaans komt er op elke vraag heel
snel een degelijk antwoord. Determinatievragen,
reisinfo, info over optiek, petities, noem maar op. Zo
select lijkt Belgian Birds me toch niet te zijn.
Misschien is het aantal mensen dat regelmatig post
beperkt, maar de groep staat open voor iedereen met een
gezonde interesse in vogels, toch ? Natuur.forum is dan
weer iets minder mijn ding. Ik loop verloren op zo’n
forum maar voor wie iets zoekt of iets wil vragen is
dit de ideale plaats om op speurtocht te gaan. Het
grote voordeel van het Natuur.forum is dat alle
reacties worden gearchiveerd en dat er na verloop van
tijd heel wat info beschikbaar komt. Het lijkt me dus
geen ‘of-of verhaal’, maar eerder een ‘en-en
verhaal’.
Kom
jij wel eens in de Kalkense Meersen, Dominique ?
Om
eerlijk te zijn : ik ben er totnogtoe twee keer
geweest (schaam op mij). De eerste keer had iemand me
gebeld dat er twee Grote Trappen zaten. En ja : hij
was zeker. Hij had er z’n vogelboek helemaal op
nageslaan en het waren zondermeer Grote Trappen, in
het putje van de zomer, nog aan toe. Omdat de persoon
bleef aandringen dat ik onmiddellijk moest komen om
deze topwaarneming te bevestigen, ben ik dan maar
richting Kalkense Meersen getrokken. En wat een geluk
: bij aankomst bleken ze er nog te zitten. Alleen
waren het Magelhaenganzen. Een tweede keer van
hetzelfde laken een broek. Ditmaal waren het volgens
de waarnemer van dienst Alpensneeuwhoenders, tetoeme!
Goed als we zijn, weer richting Kalken voor
(uiteraard) alweer Magelaenganzen. Geef mij dan toch
maar de Makegemse Bossen...
Nog
even terug naar Dominique Verbelen zelf : naast vogels
ben je ook sterk geïnteresseerd in zeezoogdieren.
Ieder jaar ben je van de partij op de walvistrips in
de golf van Biskaje... Wat trekt je zo aan in deze
dieren ?
Die
beesten zijn toch gewoon super ? Neem nu Gewone
Vinvis, het op één na grootste zoogdier dat ooit op
deze planeet heeft geleefd. Een joekel van ruim 20
meter lang en niemand die weet waar die beesten in de
winter heen trekken. Zo’n mysterieuze beesten
trekken me aan. Of spitssnuitdolfijnen, een genus waar
bijna niets over geweten is. Een paar jaar geleden
werd er zelfs nog een nieuwe soort ontdekt. Van een
aantal beaked whales zijn enkel gestrande beesten
bekend : nog nooit werden ze op zee levend waargenomen
!
We vliegen naar de maan, we bellen draadloos van
Alaska naar Antarctica, we kunnen miljarden pagina’s
opslaan op een chip van enkele mm² maar we weten
bijna niks over de meeste zeezoogdieren. Wat heb je
nog meer nodig om geïntrigeerd te geraken ?

walvisgids
in de golf van Biskaje (foto Diederik D'Hert)
Onbegrijpelijk
dat sommige staten zich nog steeds geroepen voelen om
de walvisjacht in stand te houden (onder het mom van
wetenschappelijk onderzoek), wraakroepend, walgelijk,
niet meer van deze tijd...
Naast
Biskaje staan in 2010 nog enkele mooie reizen op je
agenda (Slovenïe, Madagascar, Comoren), de
Makegemse bossen worden dan even gelaten voor wat ze
zijn ?
De
Golf van Biskaje, … ’t wordt wellicht het laatste
jaar dat we daar zullen whalewatchen, want op 27
september 2010 wordt de Pride of Bilbao door P&O
uit de vaart genomen wegens niet meer rendabel.
Doodzonde, één van de beste gebieden voor cetacea
ter wereld die bijna ontoegankelijk zal worden voor
zeezoogdierfanaten. Wie wil, kan nog een laatste keer
gaan genieten van walvissen en dolfijnen want met
Natuurpunt Boven-Schelde organiseren we een trip van
20 tot 23 augustus (en er zijn nog enkele plaatsen
beschikbaar !).
Maar het hoeft niet steeds de Golf te
zijn. Die
North Sea Pelagics van Jeremy Demey & co vind ik
super. Een
dagje ontstressen op de Noordzee, golven kijken,
duikende Jan-van-Genten vlakbij, lachen met de
kotsende medemens en ja : zelfs een enkele keer
Witsnuitdolfijn of Tuimelaar ! Meer hoef ik niet te
hebben om gelukkig te zijn.
Slovenië
wordt een trip met Hyla, de reptielen- en amfibieënwerkgroep
van Natuurpunt. Die Hyla-trips zijn altijd super :
goeie sfeer, veel kinderen die meegaan, low budget en
doorgaans een zeer stevige triplijst. Topsoort wordt
deze keer ongetwijfeld de Olm, een geschift beest dat
ik al lang een keertje wou zien. En op ’t eind van
’t jaar wordt het Madagascar en de Comoren of
opnieuw Indonesië. In oktober en november 2009 hebben
we enkele Indonesische eilanden bezocht die voorheen
nog maar nauwelijks door vogelaars werden bezocht.
Peleng, de Togeans, Taliabu. Best vreemd om soorten te
zien die nog maar door een handvol vogelaars werden
gezien of om soorten die nog niet eens zijn
beschreven. Off the beaten track is toch vaak net iets
boeiender dan de ‘gewone’ trips naar plekken
waarvan al alles is geweten. Misschien proberen we wel
een keertje Obi, op zoek naar de verloren gewaande Obi
Woodcock.

birding
off the beaten track: Taliabu 2009 (foto: Bram
Demeulemeester)
Nog
een laatste vraag Dominique : ken jij toevallig een
goede 1 aprilgrap ?
Niet
echt. In elk geval was die van u niet goed genoeg om
er in te lopen...
Alles
kan beter...